Alpejagerslied van de decentralisatie

 Ido Weijers

Twee interviews over de overgang van de zorg naar de gemeenten. Op 19 december vorig jaar kwam Han Noten in NRC Handelsblad aan het woord. Noten zit de commissie voor die onlangs door het kabinet is ingesteld om de komende twee jaar alledrie de decentralisatieprocessen te begeleiden. Anderhalve week later, op oudejaarsdag verscheen in dezelfde krant een interview met Leonard Geluk, voorzitter van de Transitiecommissie Stelselherziening Jeugd. Die commissie is met ingang van het nieuwe jaar opgeheven. De combinatie van deze twee interviews roept iets op van het Alpejagerslied van Paul van Ostaijen: ‘Een heer die de straat afdaalt, een heer die de straat opklimt.’

Maar wat een verschil tussen het verhaal van de afdalende en de opklimmende heer! Geluk (CDA) was enkele jaren wethouder Jeugd, Gezin en Onderwijs in Rotterdam. Samen met Tom van Yperen van het Nederlands Jeugdinstituut en Wim Slot, emeritus hoogleraar Kinderbescherming aan de VU, vormde hij de commissie die zich bezighield met de overgang van de jeugdzorg naar de gemeenten. Een puur inhoudelijke commissie, die vooral in de gaten hield of de beoogde vernieuwing van de jeugdzorg wel voldoende invulling kreeg en tijdig zou worden bereikt. Hoewel deze commissie in de nadagen van Rutte I was ingesteld van 1 september 2012 tot en met 31 december 2015, besloot Rutte II onlangs om de commissie een jaar eerder van haar taak af te halen, omdat er ‘anders teveel commissies waren die toezagen op de transitie’. In feite werd de commissie Geluk van haar taak afgehaald omdat ze te kritisch was over de rafelranden van deze operatie. Om de paar maanden bracht zij kritische en steeds alarmerender rapporten uit over de voortgang van het meest complexe en omstreden decentralisatieproces, dat van de jeugdzorg: de budgetten waren te laag, de gemeenten te traag, de plannen te vaag. De commissie schreef dat ouders met kinderen die afhankelijk waren van speciale zorg zich zorgen moesten gaan maken of alles vanaf januari 2015 wel goed zou komen.

Staatssecretaris Van Rijn kreeg steeds meer last van de commissie. Keer op keer zag hij zich in reactie op de alarmerende geluiden van de commissie Geluk genoodzaakt te verklaren dat alles goed zou komen en dat niemand in de kou zou komen te staan. Het kabinet was het zat. Als deze commissie zo door zou gaan in het eerste jaar van de invoering van de transitie zou dat wel eens voor heel grote politieke problemen kunnen zorgen. Daarom werd in de loop van 2014 het alpejagerslied ingezet. Rutte en Asscher, pardon Hinderickx en Winderickx arrangeerden voor hun winkel een wisseling van de wacht: versnelde exit Commissie Geluk; verrassende intro nieuwe commissie ‘Sociaal Domein’. En daar werden snel drie veilige namen bij gevonden: naast Han Noten (PvdA) Marian Kaljouw (VVD) en Doekle Terpstra (CDA), drie beroepsbestuurders. Zo hoopte men nog net op tijd een mogelijk bommetje onder het kabinetsbeleid te hebben gedemonteerd.

Geluk antwoordt op de bezwering van Van Rijn – dat niemand zich zorgen hoeft te maken -dat er voor 2015 nog steeds onduidelijkheid is over het beschikbare geld, dat door tijdgebrek nogal wat vage en tijdelijke contracten zijn afgesloten, dat men op veel plekken dus nog lang niet weet waar men in de loop van 2015 aan toe is en dat het allerminst is uitgesloten dat instellingen failliet gaan. Bovendien voorziet hij voor dit jaar dezelfde onzekerheid en hectiek als het afgelopen jaar. ‘De vernieuwingsagenda moet nu snel worden opgesteld en Van Rijn heeft nog niet te kennen gegeven dat hij daar heel actief mee is. (…) Het risico is aanwezig dat de hele ambitie van de jeugdwet – de zorg beter regelen voor de meest kwetsbare gezinnen – naar achteren schuift. Dat we die pas in 2020 een keer halen.’

Op dergelijk commentaar zit het kabinet allerminst te wachten. Daarom zijn in allerijl Noten c.s. ingehuurd. Geen woord meer over vernieuwing; geen woord over de inhoud, over tekorten en andere zorgen. We krijgen nu te horen dat ‘de winkeltjes op orde’ zijn. Geen waarschuwingen voor ouders met ernstig zorgafhankelijke kinderen. In plaats daarvan de verzekering aan al die ouders die zich afvragen of hun kind vanaf 1 januari nog wel bij dezelfde hulpverleners terecht kan, dat er ‘geen millenniummoment’ komt. Niet langer een kritische, onafhankelijke waakhond wat betreft de inhoud van de hele operatie, maar een commissie Sociaal Domein als spreekbuis van het kabinet. Noten ziet als zijn belangrijkste taak ‘De angst en onzekerheid beheersbaar houden. Ik moet als een goedheiligman door het land trekken en zeggen ‘het is goed zo’.’ Wel een eerlijke man, Han Noten. Hij spreekt gewoon uit wat Rutte II hem als opdracht heeft ingefluisterd.

 

 

4 gedachten over “Alpejagerslied van de decentralisatie

  1. Uitstekend verhaal over politiek ( neo liberaal) opportunisme: Zoek het maar uit in het sociaal domein ( lees sociale teams en soms ook ambtenaren die indicaties stellen voor meervoudige complexe problematiek) met een bypass voor “echte” psychiatrische problematiek via de huisarts, zodat de medisch/psychiatrische jeugdzorg ( en haar belangen) weer dominant kunnen worden: met psychiatrische stigmatisering van de bio psychosociale eenheid die het kind is als gevolg: terug naar de jaren ’60! Het systemisch denken geofferd. Kennis en kapitaalsvernietiging in het brede gespecialiseerde jeugdzorgdomein. Enz. enz.
    En het zo anders gekund. De overheid gedraagt zich als een ouder met opvoedings-onmacht en zou onder Toezicht gesteld moeten worden. Waarom?…..
    Sinds Marga Klompe de jeugdzorg een versplinterd stelsel noemde is in opeenvolgende decennia gewerkt aan een efficiëntere jeugdzorg m.b.v. diverse nieuwe wettelijke kaders. Weliswaar inclusief het recht op ( geïndiceerde)jeugdzorg
    maar zonder het opheffen van de sektorschotten: 4 ministeries, 6 wettelijke kaders voor zorg die in hoge mate inhoudelijk overlapt met als klap op de vuurpijl het buro jeugdzorg; Een wurgconstructie voor klienten en instellingen/professionals geboren uit wantrouwen van de overheid ten aanzien van het veld.
    Men was er zat van en besloot na 40 jaren modderen de boel maar over de schutting te gooien naar de gemeentes. De verschotting opgeheven? 400 gemeentes de regie!
    Als de deelsektoren wettelijk in elkaar geschoven waren en multifunktionele instellingen op die basis gevormd waren, gefinancierd in het verzekeringsstelsel was
    met gemak de bezuiniging gehaald, het recht op zorg verankerd gebleven en de kwaliteit met sprongen gestegen. Tot zover het “ouderschap” van onze overheid: Dit is anti sociaal beleid
    Hubert Bijkerk ( voormalig bestuurder in de Jeugdzorg)

  2. Zo gaat dat dus…helaas ben ik niet verbaast…wel wederom teleurgesteld in het NL Zorgbeleid/VWS van Rijn enz enz…voor de zoveelste keer! Maar, ik vraag mij af…heeft de Kinderombudsman hier niet een ”beschermende rol”…naar de kwetsbare kinderen en hun gezinnen…Of???…U kunt wrs mijn gedachten wel raden…triest, bizar en ontoelaatbaar…De NL Overheid heeft het niet zo goed met U en ons allen voor als we denken…Josette Budding, Moeder van Dexter, initiatiefneemster Dex Foundation

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *