Soms wordt een lastig gesprek met een kind vriendelijk maar routineus geopend met de vraag ‘Hoe gaat het met jou?’ of ‘Vertel eens iets over jezelf.’ Dat is een goed bedoelde, maar volkomen verkeerde start. Zo’n open vraag biedt het kind geen houvast, maar leidt eerder tot gepieker: wat bedoelt hij, wat wil ze horen, wat moet ik zeggen? Een kind komt niet zomaar met een verhaal bij een onbekende. Misschien als het net daarvoor klappen heeft gehad en de pijn nog voelt. Maar over het algemeen zal het zelden spontaan vertellen over de ruzies en de klappen thuis en dat hij ‘s avonds in zijn bed ligt te rillen van angst als papa weer dronken thuiskomt. En hoe jonger het kind, hoe minder het op zichzelf reflecteert als ‘iemand met een verhaal,’ een persoon waar wat over te vertellen valt.
Een soepel gesprek met een kind in problemen op gang brengen vereist juist klein beginnen. Het geheim van een soepel gesprek zit ‘m in het voortdurend appèl op zijn directe respons. Dat vereist dat je met simpele, concrete vragen komt – of ze ook een lievelingsdier heeft en als ze die thuis heeft, wat ze daarmee doet; wat hij de leukste sport vindt en of hij daar zelf mee bezig is en hoe vaak; of hij vaak buiten speelt en of zij misschien een beste vriendin heeft en of ze nog weet wat ze de laatste keer samen hebben gedaan en wat ze het leukste vindt om samen te doen.
Vaak kunnen ook eenvoudige middelen helpen een gesprek op gang te brengen en een heikele kwestie aan te snijden. Zo wordt om een eerste aanwijzing te krijgen over de gezinsverhoudingen door hulpverleners veel gebruik gemaakt van de Blob Tree – een tekening van een grote boom waarin allerlei figuren, ‘blobs’, staan, hangen of vallen en dicht bij elkaar of juist wat verder van elkaar en op zichzelf zitten. Dan is het heel makkelijk om aan het kind te vragen waar hij zit in de familieboom en waar z’n vader en moeder zitten en zijn broertjes en zusjes, wie er uit de boom valt en waar z’n opa en oma zitten. Bij jonge kinderen kan ook een tekening van een bus met grote ramen handig zijn, als je voorstelt om samen per raam aan te geven wie er allemaal mee op reis mogen. En natuurlijk vraagt wie er misschien niet mee mogen.
Sommige kinderen klappen helemaal dicht als ze in een voor hen unheimische situatie terecht komen en zeggen niks. Als je dit weet of merkt, zoek dan allereerst naar een gezamenlijke activiteit – samen door een rustig deel van het gebouw lopen, samen wat te drinken halen of even buiten wandelen. In geen geval is het, zodra zo’n ‘bevriezing’ zich voordoet, verstandig om aan te dringen op antwoord. Stap dan eerder over op gesloten vragen waarbij het kind duidelijk wordt gemaakt, dat het alleen met een knik of hoofdschudden hoeft te reageren.
Soms is het beter om over te stappen op een heel andere vorm van communicatie waarbij evenmin meteen woorden nodig zijn, zoals tekenen. Probeer bijvoorbeeld het kind dat voor je zit te tekenen, of alleen de handen, het haar of een ander detail. Daardoor worden ze meestal verrast, worden ze nieuwsgierig en gaan ze rechtop zitten om te kijken hoe dat eruit komt te zien. Dan loont het om met de ogen op de tekening te vragen ‘of het wat stoerder moet’, of ‘met een vrolijker gezicht’, of hij nog meer tattoos heeft en of zij haar nagels zelf zo mooi lakt. Komt daarop een reactie, dan biedt dat een aanknopingspunt voor een vervolgvraag (eveneens zonder aankijken), zoals ‘Als je naar jezelf kijkt, waar ben je dan het meest trots op?’ Zo maak je kans dat jullie stapje voor stapje in gesprek komen.
Allereerst is het uiteraard nodig om een kind in een serieus gesprek op zijn gemak te stellen en dat gebeurt vooral door van meet af aan zoveel mogelijk aan te sluiten op de eigen wereld van het kind. Dat betekent bij jonge kinderen liefst beginnen met een simpel spelletje of samen iets tekenen en bij iets oudere kinderen iets vragen over de school, hobby’s, vriendjes, een schoolreisje of een verjaardag. Val zeker bij jonge kinderen niet met de deur in huis, maar geef het kind de gelegenheid om te ontspannen door interesse te tonen in wat voor dit kind belangrijk is. Laat aan de hand van wat het kind net heeft verteld merken dat je daarvan iets hebt opgestoken.





