Juridisch meerouderschap in het belang van het kind?  

Echtscheidingsdeskundigen, advocaten en rechters waarschuwen al heel lang voor de desastreuze gevolgen van de vechtscheiding. Vorige maand kondigden de kinderrechters aan dat zij de vechtscheiding gecoordineerd gaan aanpakken. In dezelfde week begon een expertpanel met een selectie van vele honderden voorstellen voor de zogeheten Divorce Challenge, een initiatief van PvdA kamerlid Recourt, dat moet bijdragen aan vermindering van het aantal vechtscheidingen en de nadelige gevolgen ervan voor kinderen. De meest veelbelovende ideeen en concrete plannen zullen in samenwerking met het Ministerie van Veiligheid en Justitie verder worden uitgewerkt en gerealiseerd.

De afgelopen jaren is het besef in brede kring gegroeid dat vele kinderen de dupe worden van complexe, langdurige echtscheidingsprocedures. Het aantal echtscheidingen is enorm toegenomen. Zo’n 40% van alle huwelijken resulteert inmiddels in een scheiding en een aanzienlijk deel daarvan leidt tot een vechtscheiding, waarbij de belangen van de kinderen al snel uit het oog worden verloren. Juridische procedures, verplichte ouderschapsplannen, mediation en de bestaande hulpverlening blijken dit niet te kunnen voorkomen.

Tegen deze achtergrond is het merkwaardig dat de Staatscommissie Herijking ouderschap gisteren doodgemoedereerd met een voorstel kwam dat naar verwachting zal bijdragen aan een verdere toename van deze problematiek. Het lijkt alsof de commissie zich twee jaar lang in een soort bubble heeft afgezonderd, waar de verontrusting over kinderen die de dupe worden van eindeloos doorruziende ouders niet is doorgedrongen. Zij pleit voor juridisch meerouderschap en meeroudergezag, fenomenen die nergens in de wereld bestaan en buiten ons land vooralsnog dus ook niet zullen worden erkend. Juridisch meerouderschap heeft consequenties voor het aantal ouders van wie het kind automatisch erft, die onderhoudsplichtig zijn jegens het kind en van wie het de nationaliteit en de naam krijgt. Zorgt de interpretatie en naleving van deze kwesties als ouders onenigheid krijgen en helemaal als zij met ruzie uit elkaar gaan bij het klassieke twee-ouderpaar vaak al voor enorme problemen, die problemen zullen alleen maar groter en complexer worden wanneer er meerdere juridische ouders in beeld zijn die na verloop van tijd toch liever uiteen willen gaan en waarbij onenigheid over tenminste een van deze kwesties ontstaat.

Meeroudergezag gaat nog veel verder. Dit betekent dat meerdere personen beslissen over opvoedingskwesties als straffen en belonen, alle mogelijke afspraken, baantjes en de algehele financiele situatie van het kind en de vertegenwoordiging van het kind ‘in en buiten rechte’, medische ingrepen, schoolkeuze en woonplaats. Zelfs als de relatie tussen drie of vier ouders met gezag stabiel blijft, zal dit al gauw voor spanningen onder de opvoeders zorgen. Maar als de relatie tussen een of meer van deze ouders wordt beeindigd, liggen de conflicten over deze kwesties voor het oprapen.

En daar zit bij dit voorstel de meest pijnlijke blinde vlek. Immers, de kans op uiteenvallen van een dergelijke meervoudige opvoedingssituatie neemt exponentiëel toe met het toenemen van het aantal personen dat erin participeert. Ligt het echtscheidingspercentage in de gehele bevolking al behoorlijk hoog, de kans dat een van de betrokken volwassenen uit zo’n meervoudige opvoedingsconstellatie stapt is uiteraard nog veel groter. In elk geval is voorzienbaar dat zolang wordt vastgehouden aan het recent ingevoerde wettelijk principe, dat ouderlijk gezag behouden blijft na scheiding, dit met een toenemende hoeveelheid en complexiteit aan vechtscheidingen gepaard zal gaan. In al die gevallen zal daarbij opnieuw bij uitstek één partij daarvan de dupe worden, namelijk het kind.

De Staatscommissie hamert voortdurend op twee dingen: de aanstaande ouders moeten er goed over nadenken en de rechter krijgt een cruciale rol. Niet alleen moeten alle beoogde ouders aan de rechter een overeenkomst voorleggen, met afspraken over zorg- en opvoedingstaken, financiën en hoe om te gaan met conflicten, waarbij de rechter zich laat adviseren door een bijzonder curator die het plan moet bekijken. Maar bij geschillen mag iedere ouder met gezag dit aan de rechter voorleggen en zelfs vragen het aantal ouders met gezag terug te brengen, omdat zij het niet langer eens kunnen worden. Zie hier, een ware ‘divorce challenge‘. In het veld is er allang consensus dat als er iets bevorderlijk is voor de vechtscheiding en schadelijk is voor het kind dit de gang naar de rechter is. Het is dan ook bepaald gedurfd om dit voorstel te verkopen als ‘in het belang van het kind’.

 

 

4 gedachten over “Juridisch meerouderschap in het belang van het kind?  

  1. Een terechte hartenkreet van Ido Weijers! Toen ik in Nieuwsuur een gesprek zag met stellen die met zijn vieren een kind opvoeden en te kennen gaven dringend zaten te wachten op de mogelijkheid tot het vierpersoonsgezag, vond ik het schokkend dat geen van hen het had over de ‘plichten’van het gezag, het ging alleen over hun ‘rechten’als ouders van het kind. Maar vanuit het kind geredeneerd hebben ouders gezag om hun verplichtingen jegens het kind te kunnen vervullen. Gezag stelt hen in staat keuzes te maken voor een minderjarige die dat zelf nog niet kan, het maakt het hen mogelijk al het goede voor dit kind te doen opdat het zich kan ontwikkelen. Gezag is kortom geen doel op zich, geen cadeautje voor volwassenen , het is een ontwikkelingsvoorwaarde voor het kind.
    Wetende dat veel stellen uiteindelijk scheiden en dat de conflicten schadelijk zijn voor de ontwikkeling van het kind, is het niet te begrijpen dat we door het advies wat er nu ligt voor veel kinderen de kans op scheiding verdrievoudigen doordat de twee ouderparen beiden hun eigen relatie en ook nog eens de relatie met het andere ouderpaar kunnen omzetten in gevecht. Nu al maak ik aan mijn tafel mee hoe complex het is als er twee gezagsdragende ouders zijn. Verhuizing, schoolkeuze, maar ook opvoedingsstijl, bedtijden, eetgewoonten, alle dagelijkse ingrediënten van een kinderleven worden geproblematiseerd, leidend tot veel gevoelens van onveiligheid bij de kinderen die het meemaken. En was fysieke en emotionele veiligheid niet ontwikkelingsvoorwaarde nummer 1?
    Los van strijd en de gevolgen daarvan maken we de levens van kinderen zo langzamerhand wel heel ingewikkeld en dreigen we de diepe betekenis van de gezinsrelaties te verdunnen en flets te maken.
    Een concreet voorbeeld uit het leven van alledag om het voelbaar te maken: als twee ouders scheiden en elk een nieuwe partner vinden, hebben kinderen te maken met vier ouderfiguren. Deze ouders hebben allemaal ouders, voor het kind opa’s en oma’s. Vaak waardevolle figuren in het leven van kinderen, maar het wordt zoveel. Immers: die opa’s en oma’s van nu zijn zelf vaak ook gescheiden en hebben nieuwe partners. Bij zoveel grootouders verliest het woord opa of om zijn kracht. Om nog maar niet te spreken van de ingewikkelde dienstregeling om naar alle verjaardagen van andere hoogtijdagen mee te moeten, van het veelvoud van de vier grootouders die elk kind van nature heeft, vaak verspreid over het land. Dat betekent: evenzo vele vrije dagen per jaar die daardoor bij voorbaat vastliggen, al of niet gepaard gaande met conflict tussen de volwassenen die vanuit hun ‘rechten’een zorgvuldige boekhouding van eerlijkheid bijhouden. Voeg daarbij de roosters van verdeling tussen de ouders zelf en je ziet een kinderleven als een lappendeken in dienst van de behoeften van de volwassenen. Vrije tijd, verjaardagen van vriendjes, je vervelen, lid worden van een sportclub, met je buurjongetje vandaag een hut bouwen die je morgen en overmorgen wilt afmaken….kan niet, want er is een rooster.
    Hoe moet dat als er vier gezagsdragend ouders zijn? Als we als volwassenen het belang van het kind definiëren in termen van relaties met ouderfiguren, dan dreigen andere belangen en rechten in de knel te komen. Over wiens belang hebben we het dan eigenlijk?

    Zeker is het goed als behalve de twee eigen/biologische ouders er andere volwassenen zijn die een bovengemiddeld belangrijke band met het kind willen bouwen en die passende verantwoordelijkheid voelen. Maar gezag is daarvoor niet nodig en weegt niet op tegen de risico’s waaraan we kinderen blootstellen als dit advies wordt overgenomen.

    Liesbeth Groenhuijsen,
    Pedagoog/Psycholoog

    1. 2 biologische ouders, 2 voogden, 2 belangrijke contactpersonen. Zou ook een oplossing zijn?

      De hele homotoer, is opzich zelf iets dat nog onvoldoende onderzocht is laat staan dat ze kinderen hebben onnatuurlijker kan niet.

      Een kind is geen hond, die je besteld bij een draagmoeder of ei verschaf moeder.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *