Niet jong versus oud bij toegang laatste IC-bed (2)

In een uitgebreid interview vertelt voormalig ‘Denker des Vaderlands’ Marli Huijer dat zij zich al sinds maart bezighoudt met de discussie over de aanpak van de corona-pandemie. Voor haar bestaat er daarbij geen spoor van twijfel over het principe dat jongeren bij schaarste van IC bedden zouden moeten voorgaan op ouderen: ‘Ik vind het inderdaad lastig om te doen alsof iemand van 75 evenveel recht heeft op een IC plek als iemand van 20. (…) Een jongere die dood gaat omdat er geen plek is op de IC gaat vroegtijdig dood. Iemand van 80 niet.’ Maar daar gaat de discussie over de toegang tot het laatste IC-bed helemaal niet over. Kennelijk heeft zij in het afgelopen half jaar niet de moeite genomen om het draaiboek dat daarvoor door de artsenorganisaties sinds juni is neergelegd goed te bestuderen en de discussie die daarover onder medici en ethici is gevoerd scherp te volgen.

Uiteraard wordt bij schaarste eerst geselecteerd op medische overwegingen: wie heeft de meeste kans de IC te overleven en snel te herstellen? Men hoeft geen arts te zijn om te begrijpen dat jongeren dus in de regel op medische gronden voorrang krijgen. Dit uitgangspunt staat niet ter discussie. En degenen die maar blijven herhalen dat de ethisch cruciale kwestie zou zijn dat we moeten kiezen voor iemand van 20 in plaats van voor iemand van 80 vertroebelen de zaak, omdat die keuze op medische gronden feitelijk en terecht allang is gemaakt.

De discussie gaat over iets anders, namelijk de vraag hoe te handelen als de medische criteria niet meer voldoen. Dat wil zeggen als we met kandidaten voor het laatste IC-bed te maken hebben, waartussen geen of nauwelijks verschil in gezondheid en overlevingskansen lijkt te bestaan en tussen wie het verschil in leeftijd slechts gering is. Het draaiboek schrijft voor dat dan op niet-medische grond zou moeten worden gekozen voor de jongste van deze twee personen, zeg voor de 65-jarige ten koste van de 68-jarige. Onder die condities is duidelijk dat er bij toepassing van het leeftijdscriterium sprake is van willekeur. Dan is loten rechtvaardiger, althans een beter te accepteren willekeurigheid dan de willekeurigheid van het kiezen op grond van leeftijd, zoals Fleur Jongepier betoogt.

Het is jammer dat het kabinet zich onder druk heeft laten zetten en heeft afgezien van een verbod op selectie op leeftijd voor de IC. Jongepier maakt duidelijk dat de discussie hierover desalniettemin zeker niet voorbij is. Het is in zekere zin begrijpelijk dat de voorstanders van het leeftijdscriterium bij schaarse IC-bedden blijven hameren op de valse tegenstelling tussen jong en oud, terwijl de praktijk al lang laat zien dat zeer jonge noch zeer oude patiënten worden opgenomen op de IC. Als ze deze voorstelling van zaken loslaten, vervalt immers de hele op het eerste oog aansprekende argumentatie voor het leeftijdscriterium. Toch is te hopen dat het voortgaand debat hierover op een eerlijker manier wordt gevoerd en niet blijvend wordt vertroebeld door ‘20 tegenover 80’.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *